Eerste hulp bij stilstand van circulatie en ademhaling

1. Een paar opmerkingen vooraf

De meeste mensen die kunnen reanimeren zullen dit nooit in de praktijk hoeven te brengen. De kans dat de situatie daarom vraagt is namelijk vrij klein. Daarmee is niet gezegd dat het geen zin heeft te leren hoe je moet reanimeren. We verzekeren ons toch ook tegen brand, terwijl de kans dat ons huis in de as wordt gelegd waarschijnlijk niet groter is. Reanimeren leert u voor het geval dat... Zo’n geval komt altijd onverwacht: thuis, op het werk, onderweg, op de camping, tijdens een sporttoernooi...

Er is geen tijd voor paniek, want er staat een leven op het spel. Het is daarom noodzakelijk dat iemand onmiddellijk en trefzeker tot handelen overgaat. De ervaring leert dat paniek voornamelijk voorkomt bij mensen die niet precies weten wat ze in zo’n situatie moeten doen. In het geval van een circulatiestilstand, ademnood of ademstilstand gaat het er niet alleen om dat u de techniek van hartmassage en van mond-op-mond beademing perfect beheerst.

Het is noodzakelijk de hele situatie snel en goed in te schatten

Wat is er met het slachtoffer gebeurd? Zijn er mensen in de buurt die kunnen helpen? Kunt u onmiddellijk tot reanimeren overgaan of moet er eerst iets anders gebeuren? Hoe dan ook, begin altijd zo snel mogelijk te reanimeren. Maar blijf bovenal denken aan uw eigen veiligheid!

Wat is er gebeurd?

We zagen al dat een circulatie- of een ademstilstand verschillende oorzaken kan hebben.

2. Diagnose stellen

Handelingenschema voor eerste hulp bij stilstand van circulatie en ademhaling bij volwassenen


Toelichting op het voorgaand schema

1. Zorg ervoor dat het slachtoffer, de omstanders en u veilig zijn.

2. Kijk of het slachtoffer reageert.

3a. Als het slachtoffer reageert.

3b. Als het slachtoffer niet reageert.

4. Houd de luchtweg open; kijk, luister en voel maximaal 10 seconden naar normale ademhaling

NB. In de eerste paar minuten na het onstaan van de circulatiestilstand kan het slachtoffer amper ademhalen, of onregelmatig en/of luidruchtig naar lucht happen. Dit is geen normale ademhaling.

5a. Als het slachtoffer wel normaal ademt

5b. Als het slachtoffer niet normaal ademt of u twijfelt

Sla alarm

U stuurt iemand om de ambulance te bellen en vraagt hem of haar dit naar u terug te koppelen. Als u alleen bent, belt u eerst direct de ambulance via het alarmnummer 1-1-2 voordat u gaat reanimeren. De melding: vertel de plaatsnaam waar de ambulance nodig is. U wordt doorgeschakeld naar de ambulancepost. Vertel dat er een reanimatie is en geef het adres op waar u en het slachtoffer zich bevinden. Zet indien van toepassing de voordeur open en doe zonodig de buitenverlichting aan. Laat zo mogelijk iemand de ambulance opwachten om de weg te wijzen.

NB. Bellen van het alarmnummer 1-1-2 gebeurt bij voorkeur met de mobiele telefoon.

6. Combineer hartmassage met beademing

NB. Controleer op de volgende punten wanneer de borstkas niet omhoog komt bij beademing:
- Inspecteer de mond van het slachtoffer en verwijder zichtbare obstructies.
- Kijk of u de hoofdkantel-kinlift methode goed uitvoert.

7. Staak het reanimeren wanneer:

Tweede hulpverlener

Als een tweede hulpverlener aanwezig is, wisselt u iedere 2 minuten, om vermoeidheid te verkomen. Zorg er voor dat het wisselen zo snel mogelijk gaat.

Massagefouten

Bij hartmassage kunnen de volgende fouten worden gemaakt:

a. U masseert niet op de juiste plaats.


b. U past de verkeerde massagetechniek toe.

c. U leunt op de patiënt.

De hartmassage moet altijd soepel gebeuren, want stotende en onregelmatige bewegingen vergroten de kans op ribbreuken. Leunen of hangen op de patiënt is verkeerd. Het hart krijgt dan onvoldoende bloed en beschadigt daardoor. Door het borstbeen telkens omhoog te laten komen, voorkomt u leunen.

Beademingsfouten

Mondinspectie

U voert mondinspectie uit:

Mondinspectie voert u als volgt uit:



Attentie!


Samenvatting handelingenschema

1. Veiligheid voor u, het slachtoffer en de omstanders.
2. Controleer bewustzijn: schudden en aanspreken.
3a. Slachtoffer reageert: analiseer gebeurtenis, roep zonodig om hulp.
3b. Slachtoffer reageert niet: roep om hulp en pas de hoofdkantel-kinlift methode toe.
4. Controleer de ademhaling; kijk, luister en voel (max. 10 seconden).
5a. Indien normaal ademend: plaats in stabiele zijligging, bel 1-1-2 en controleer elke minuut de ademhaling.
5b. Geen ademhaling of bij twijfel: bel 1-1-2 + haal AED en start hartmassages, frequentie 100 tot 120 per minuut.
6. Combineer hartmassage met beademing, verhouding 30:2.
7. Reanimatie staken bij komst professionele hulpverlening of bij normale ademhaling.
8. Ga door tot professional zegt dat u kunt stoppen.